Australië

Een voorbeeld van een tekst voor Sonera

Worst road of Australia

Foto: Sarah Vermoolen

Een slechte, onverharde weg. Nauwelijks voorzieningen langs de route. Maar ook prachtige gorges die op een dag rijden afstand van elkaar liggen. Dat is de Gibb River Road. Voor avonturiers dé weg die je moet hebben gevolgd.

Op ontdekkingsreis
De Kimberley, het noordelijk deel van Western Australia, wordt beschouwd als ‘the last frontier’. Hier kun je nog op ontdekkingsreis. Al kom je in het hoogseizoen op een drukke dag wel tien wagens per dag tegen. De Gibb River Road, ooit aangelegd voor het vervoer van vee, oefent een magische aantrekkingskracht uit. Voor het avontuur heb je voldoende voedsel, water, benzine en zoveel mogelijk reservebanden nodig én een 4WD-auto.

Foto: Sarah Vermoolen

Van het gebaande pad af

De legendarische Gibb River Road behoort tot de avontuurlijkste en slechtste wegen van het land. De gravelweg is inderdaad slecht, maar valt ons toch nog wel mee. Hoge snelheden horen er niet bij. Een tegenligger zie je al van verre aankomen. Een grote rode stofwolk neemt dan minutenlang het zicht weg. Onze eerste overnachtingsplek is Emma Gorge. De camping van El Questro is druk bezocht, dus dat is een tegenvaller. Na een dag autorijden maken we graag de wandeling naar Emma Gorge. Het vuil en zweet is er snel af na de duik in het koude water. ‘s Morgens vroeg bezoeken we, helemaal alleen, het paradijs: de heetwaterbronnen Zeebeedee Springs worden omringd door een ‘pocket’ van regenwoud. Idyllisch of niet?

Foto: Sarah Vermoolen

Het avontuur begint
Daarna begint ons avontuur pas echt. Het is vele uren rijden naar de eerste station (boerderij) in het vlakke, rode landschap. Onderweg is er niets te zien: geen huizen, geen afval, geen borden, niks. We houden pauze bij de station waar een oude stal is ingericht als ‘lunchruimte’. In de grote waterpoel zwemmen zoetwaterkrokodillen. Snel stappen we de camper weer in, want we moeten nog vele uren rijden voordat we bij Drysdale Station aankomen. Een enkele keer komen we een tegenligger tegen. Zwaaien is verplicht. Elke bestuurder kijkt daarna weer snel met ingespannen gezicht naar de weg, want de hobbels vereisen de nodige rijvaardigheid.
Bij Drysdale vinden we wat we zoeken. Een riviertje met zoetwaterkrokodillen, slechts een paar campers op het kampeerterrein en aardige eigenaren die ons op zeer relaxte wijze te woord staan. Ann woont hier al vele tientallen jaren met haar man en drie kinderen. Je moet hier wel tegen de eenzaamheid kunnen, want gedurende het regenseizoen zijn ze maandenlang geheel afgesloten van de buitenwereld. Dit overkomt ook regelmatig toeristen die het water niet tijdig hebben zien aankomen. Een gedwongen verblijf van weken is dan geen uitzondering. Op het kampeerterrein staan ook twee ‘graders’. Slechts één of twee keer per jaar wordt de weg geëffend, maar veel zin heeft het niet. De mannen raden ons aan om de noordelijke Kalumburu Road te volgen met als einddoel Mitchell Falls.

Foto: Sarah Vermoolen

Einde van de wereld
De zeer smalle, kronkelige weg verkeert in heel slechte staat. Ongelukken komen dan ook vaak voor. We wagen het toch en zijn tevreden met een rijtempo van maximaal 30 km per uur. Op het heetst van de dag komen we aan bij Mitchell Plateau. Het is weer flink wandelen geblazen, maar de mooie watervallen die hier naar beneden denderen zijn het waard. We hebben het gevoel het einde van de wereld te hebben ontdekt. We zijn daar de enige bezoekers en genieten in de bovenloop van de waterval van de ondergaande zon en het stromende water. Een helikopter brengt ons terug naar de bewoonde wereld. Vanuit de helikopter zien we nog enkele gevaarlijke zoutwaterkrokodillen in de rivier onder ons.

Welke gorge is de mooiste?

Foto: Sarah Vermoolen

Voor de volgende bestemming, Mount Barnett, worden we weer acht uur in de wagen heen en weer geschud. De lieflijke Manning Falls en Upper Manning Falls verrassen ons met heerlijk water, maar we zijn jammer genoeg niet de enige bezoekers. Prettig is dat een gorge over het algemeen pas bereikbaar is na een flinke wandeling en/of klauterpartij. Dat bevalt ons wel na het vele autorijden.

Van het gebaande pad af

Elke gorge is weer anders. Bell Gorge zou de mooiste zijn van al het natuurschoon in deze regio. Daar valt niets op af te dingen, maar Lennard Gorge spreekt ons iets meer aan. Voor de laatste moeten we behoorlijk klimmen, maar dan is het koele water in de zeer nauwe gorge voor ons alleen.
Na vijf dagen is het einde van de Gibb River Road jammer genoeg in zicht. Nog eenmaal schieten we de lucht in bij een flinke hobbel. Een waardig afscheid van een mooie route.

Terug naar Wereld

Comments are closed.