Rode Kruis

Tekst voor krant Rode Kruis

‘Veertigers moeten ook vrijwillig iets voor elkaar doen.’
Coördinator Rianne van Wezenbeek (44) regelt elk jaar 28 collectanten voor de verschillende wijken. ‘Ik werf ze meestal in mijn eigen netwerk, op het schoolplein, bij de tennis of de sportclub. Iedereen die ik vraag of hij/zij een paar uurtjes per jaar overheeft om te collecteren zegt ja. Ze zijn echt bereid om dit voor een ander te doen en ze blijven het ook doen, ze zeggen het niet snel op. De collectanten mogen zelf weten waar ze hun ronde gaan lopen, maar meestal kiezen ze wel voor hun eigen wijk. Dat werkt ook beter, want mensen geven eerder aan bekende gezichten. Als ze een kind bij zich hebben dan geeft iedereen altijd. Er zijn altijd fanatiekelingen die vaker in een week willen lopen of bijhouden wie er niet thuiswas en nog een keer teruggaan. Maar in principe gaat het maar om een paar uurtjes per jaar. Je mag zelf weten op welke avond je in de collecteweek gaat rondlopen. Ik vind het belangrijk dat mensen van mijn generatie ook collecteren want meestal zijn het alleen ouderen. Als zij er mee stoppen is er geen nieuwe generatie die klaarstaat. Ook veertigers moeten doorgeven dat je vrijwillig iets voor elkaar kunt doen. De mensen van het Rode Kruis staan ook altijd voor anderen klaar bij een avondvierdaagse, een hardloopwedstrijd of bij een ramp. Het gaat niet alleen om het geld dat binnenkomt, maar alle kleine beetjes helpen. Collecteren is ook belangrijk om te laten zien dat het Rode Kruis er is, ook in Nederland.’

‘Het geeft kleur in je leven’
Cengiz Cam (42 jaar) verheugt zich al weer op de volgende collecteronde. ‘Het is belangrijk om hier wat tijd voor vrij te maken, want je krijgt er voldoening voor terug en je toont je maatschappelijke betrokkenheid. Ook al ben je nog zo druk, je kunt altijd wel wat tijd reserveren. Maar je moet het natuurlijk wel willen. De volgende collecteronde doe ik weer mee.’
Iedereen kan elke dag met het Rode Kruis te maken krijgen. Als je een ongeluk krijgt tijdens een evenement of er is een andere calamiteit dan staat het Rode Kruis klaar. Ze organiseren bijvoorbeeld ook boodschappenhulp en uitjes voor oudere mensen. ‘Het Rode Kruis is er voor iedereen. Ik vond het onwijs leuk om langs de deuren te gaan, want ik kreeg bijna honderd procent aan leuke reacties. Ik bel vrolijk en vriendelijk aan, daardoor reageren de mensen ook aardig. Mensen zeggen niet zoveel, het meest opvallend is dat iedereen meteen van alles gaat doen op zoek naar hun portemonnee. Of ze hebben het geld al klaarliggen, want iedereen weet waar je voor komt. Een vrouw wilde zelf ook collecteren, met haar heb ik iets langer gepraat. Zij was wel de uitzondering want je moet snel weer verder dus je gaat niet echt praatjes maken. Het is wel vermoeiend na een werkdag, maar het geeft veel voldoening omdat je voor een goed doel werkt. Over het algemeen geeft iedereen wel iets, dat varieert van een paar dubbeltjes tot tien euro.
Leuk is ook dat je er met vrienden en collega’s even over praat, waardoor zij er ook over nadenken. Het geeft kleur in je leven, daarom zou je het moeten doen. Je maakt ook nog wat mee. Bijvoorbeeld kinderen die het zo leuk vinden dat ze met je meefietsen. Bij een verlaten huis dat onder de spinnenwebben zat deed er niemand open. Soms hoor je van die verhalen dat er lange tijd mensen dood liggen, dus ik ben toch weer even teruggegaan naar de buurman. Hij was eerst verbaasd om mij weer te zien en vertelde daarna dat de man was verhuisd. Collecteren is goed voor de maatschappij, maar je moet ook aan elkaar denken als buren. Er is veel onverschilligheid in de maatschappij. Dat is jammer en niet goed. Als je zelf hulpbehoevend bent, dan wil je ook geholpen worden. Het Rode Kruis zal er in ieder geval altijd voor je zijn.’

Terug naar Etc

Comments are closed.